Firebird 3
In dit artikel wordt beschreven hoe u Tableau verbindt met een Firebird-database en de databron instelt.
Opmerking: in versie 2020.1 is de Firebird-connector vervangen door de Firebird 3-connector. Als u een eerdere versie van Tableau gebruikt, gaat u naar de pagina Tableau Help en selecteert u de gewenste versie in de vervolgkeuzelijst aan de linkerkant. Ga vervolgens naar 'Firebird' voor informatie over die connector.
Verzamel de volgende verbindingsgegevens voordat u begint:
Naam van de server die als host fungeert voor de database waarmee u verbinding wilt maken
Locatie van de database
Gebruikersnaam en wachtwoord
Stuurprogramma vereist
Voor deze connectors is een stuurprogramma vereist om met de database te communiceren. Als het stuurprogramma niet op uw computer is geïnstalleerd, geeft Tableau in het verbindingsdialoogvenster een bericht weer met een koppeling naar de pagina Stuurprogramma downloaden(Link wordt in een nieuw venster geopend), waar u stuurprogrammalinks en installatie-instructies kunt vinden.
Start Tableau en selecteer onder Verbinding maken de optie Firebird 3. Selecteer Meer onder Met een server voor een volledige lijst met dataverbindingen. Doe vervolgens het volgende:
Voer de naam in van de server die als host fungeert voor de database.
Voer de database in of blader naar de locatie van de database.
Voer de gebruikersnaam en het wachtwoord in en selecteer vervolgens Aanmelden.
Als Tableau de verbinding niet tot stand kan brengen, controleer dan of uw referenties kloppen. Als u nog steeds geen verbinding kunt maken, heeft uw computer problemen met het lokaliseren van de server. Neem contact op met uw netwerk- of databasebeheerder voor hulp.
Op de databronpagina doet u het volgende:
(Optioneel) Selecteer de standaard databronnaam boven aan de pagina en voer vervolgens een unieke databronnaam in voor gebruik in Tableau. Gebruik bijvoorbeeld een naamgevingsconventie voor databronnen waarmee andere gebruikers van de databron kunnen bepalen met welke databron ze verbinding moeten maken.
Selecteer een tabel en sleep deze naar het canvas. Selecteer vervolgens het tabblad van het werkblad om uw analyse te starten.
Vanaf 2019.2 ondersteunt de Firebird-connector geen aangepaste SQL-verbindingen meer.
Als u Tableau Desktop op een Mac gebruikt, moet u bij het invoeren van de servernaam om verbinding te maken een volledig gekwalificeerde domeinnaam gebruiken, zoals mydb.test.ourdomain.lan, in plaats van een relatieve domeinnaam, zoals mydb of mydb.test.
U kunt het domein ook toevoegen aan de lijst met zoekdomeinen voor de Mac-computer. Wanneer u dan verbinding maakt, hoeft u alleen de servernaam op te geven. Als u de lijst met zoekdomeinen wilt bijwerken, gaat u naar Systeemvoorkeuren > Netwerk > Geavanceerd en opent u het tabblad DNS.
Vanaf versie 10.5 heeft Tableau de indeling van extracten gewijzigd in de Hyper-indeling. Voor deze indelingswijziging moeten Firebird-extracten worden geopend en opgeslagen met een eerdere versie van Tableau, voordat ze kunnen worden gebruikt met de huidige versie van Tableau of kunnen worden geüpgraded naar de Hyper-indeling. Wanneer u het Firebird-extract opent en opslaat in een eerdere versie van Tableau, wordt het Firebird-extract geüpgraded naar een TDE-indeling. Voer de onderstaande stappen uit om een Firebird-extract te upgraden.
Download een eerdere versie van Tableau Desktop. Als u een eerdere versie van Tableau Desktop wilt downloaden, gaat u naar de Tableau-pagina Alternatieve downloadsite.
Installeer de eerdere versie van Tableau Desktop en gebruik deze om het Firebird-extract te openen.
Sla het extract op.
Open het geüpgradede Firebird-extract met de huidige versie van Tableau Desktop. Het extract zou naar behoren moeten werken.
Opmerking: Vanaf versie 10.5 gebruikt Tableau het .hyper-formaat. U kunt uw extract upgraden van een TDE- naar een HYPER-indeling door Data > Extract > Upgraden te selecteren. Zie Extractenupgrade naar .hyper-indeling voor meer informatie. Voor Tableau-versies 2024.3 en hoger kunt u .tde-bestanden niet meer gebruiken of upgraden.
Zie ook
- Databronnen instellen – Voeg meer data toe aan deze databron of bereid de data voor voordat u deze analyseert.
- Diagrammen maken en data analyseren – Begin met de data-analyse.